Ons universum is het residu van een zwart gat

Natuurkunde
Our universe is a black hole's leftover
LIGO-detecties van 'onmogelijke' zwarte gaten dwingen tot een heroverweging van onze kosmische oorsprong; mogelijk is ons universum voortgekomen uit een gravitationele 'bounce' in plaats van een singulariteit.

Enkele maanden geleden zag de LIGO-Virgo-KAGRA-samenwerking—een miljardenproject gericht op het meten van het oneindig kleine—iets dat technisch gezien niet zou mogen bestaan. Het was een zwaartekrachtgolfsignaal van een botsing waarbij een object betrokken was dat aanzienlijk lichter is dan onze Zon. Volgens het standaardmodel van stellaire evolutie kan geen enkele ster instorten tot een zwart gat dat zo klein is. Je krijgt ofwel een neutronenster, ofwel helemaal niets. Toch was het er: een donker, compact object met een fractie van de massa van de zon, dat de handboeken en de inkoopcommissies die ze financierden uitdaagde.

Deze anomalie is niet alleen een hoofdpijndossier voor stellaire fysici in Garching of Bonn; het is een opening voor een theorie die voorheen naar de marge van de kantine werd verbannen. Als zwarte gaten zich kunnen vormen op manieren die we niet begrijpen, en als hun interne natuurkunde de uiteindelijke 'singulariteit' tart die we volgens de gangbare leer moeten verwachten, dan begint de wiskunde te wijzen in de richting van een gelokaliseerde, ongemakkelijke conclusie. Ons gehele waarneembare universum zou wel eens het binnenste kunnen zijn van een zwart gat dat bestaat in een veel grotere 'ouder'-kosmos.

Het einde van de singulariteit en de opkomst van de 'bounce'

Decennialang werd de oerknal gepresenteerd als een moment van oneindige dichtheid—een singulariteit waar de natuurwetten er simpelweg de brui aan gaven. Maar voor een ingenieur of een datagedreven fysicus is 'oneindig' meestal slechts een beleefde manier om te zeggen dat je model heeft gefaald. Als je Einsteins algemene relativiteitstheorie vervangt door modellen die 'torsie' bevatten—een natuurkundige eigenschap waarbij de ruimtetijd niet alleen buigt maar ook wringt—verdwijnt de singulariteit. In de plaats daarvan krijg je een 'Big Bounce'.

In dit raamwerk stort materie, wanneer een zware ster in een ouderuniversum instort tot een zwart gat, niet in tot een wiskundig punt. In plaats daarvan bereikt het een staat van zo'n extreme dichtheid dat de 'torsie' een afstotende kracht wordt. De ineenstorting stopt, keert om en zet uit. Maar het zet niet uit in het ouderuniversum; het zet uit in een nieuwe regio van de ruimtetijd die door de ineenstorting zelf is gecreëerd. Voor een waarnemer binnen die expansie ziet het er precies uit als een oerknal. Voor een waarnemer in het ouderuniversum ziet het eruit als een standaard, zij het ietwat hardnekkig, zwart gat.

Dit is niet zomaar een poëtische metafoor voor Russische matroesjka's. Het adresseert een fundamenteel inkoopprobleem in de natuurkunde: waar kwam alle materie vandaan? Als wij de 'dochter' van een zwart gat zijn, is de materie in ons universum simpelweg het gerecyclede overblijfsel van de ster die in het universum hiernaast instortte. Het is een gesloten kringloopsysteem dat zelfs aan de strengste EU-richtlijn voor de circulaire economie zou voldoen.

Kunnen zeven dimensies de Hawking-paradox oplossen?

Het voornaamste bezwaar tegen het leven in een zwart gat is altijd de 'informatieparadox' geweest. Stephen Hawking betoogde beroemd dat zwarte gaten uiteindelijk verdampen, en wanneer ze dat doen, wordt alle informatie die erin is gevallen—of het nu een ster is of een verdwaald bibliotheekboek—uit het universum gewist. Dit schendt de wetten van de kwantummechanica, die stellen dat informatie nooit echt vernietigd kan worden. Als ons universum een zwart gat is, en zwarte gaten informatie vernietigen, dan is onze realiteit gebouwd op een logische onmogelijkheid.

Europese onderzoeksinstellingen, in het bijzonder die verbonden aan het Max Planck Instituut, bestuderen in stilte deze meerdimensionale modellen. De keerzijde is aanzienlijk. Om de informatiewet te redden, moeten we een realiteit accepteren die veel complexer is dan onze zintuigen suggereren. Het verandert de 'Matrix'-vergelijking van een popcultuurcliché in een technische noodzaak. Als de informatie van ons universum daadwerkelijk is opgeslagen op een 2D-grens van een 7D-ruimte, dan is onze 3D-ervaring in feite een holografische projectie. Het is een briljant stukje wiskundige boekhouding, ook al vraagt de gemiddelde belastingbetaler zich af waar ze bij CERN precies voor betalen.

De LIGO-anomalie en de zoektocht naar oeroude spoken

Het bestaan van primordiale zwarte gaten zou meer doen dan alleen de 'bounce'-theorie valideren; het zou een geschikte kandidaat leveren voor donkere materie. We hebben miljarden besteed aan het zoeken naar WIMPs (Weakly Interacting Massive Particles) zonder resultaat. Als donkere materie in feite slechts een enorme populatie sub-stellaire zwarte gaten is, hoeven we geen nieuwe deeltjes te bedenken. We hoeven alleen onze sensoren te verbeteren. De aanstaande LISA-missie van de Europese Ruimtevaartorganisatie (ESA)—een op de ruimte gebaseerd observatorium voor zwaartekrachtgolven—is ontworpen om precies dat te doen. Door de detectoren in een baan om de aarde te brengen, ver weg van het seismische ruisniveau van de planeet, zal LISA in staat zijn de kleinere, subtielere trillingen van deze primordiale objecten te 'horen'.

Het is ironisch dat hoe meer we proberen naar 'buiten' te kijken naar de grootste schalen van de kosmos, hoe meer we onszelf naar 'binnen' zien kijken naar de natuurkunde van het allerkleinste. De industriële strategie hier is duidelijk: het eerste blok dat definitief de aard van donkere materie of de 'bounce'-oorsprong van het universum bewijst, wint meer dan alleen een Nobelprijs. Ze winnen de sleutels tot de volgende eeuw van fundamentele natuurkunde, die alles dicteert van de limieten van kwantumcomputing tot potentiële energie-extractie uit het vacuüm.

Bureaucratie en de grenzen van het waarneembare

De uitdaging is, zoals altijd in de Europese 'Big Science', de kloof tussen het schoolbord en het budget. Bewijzen dat we in een zwart gat leven vereist waarnemingen die zich op het uiterste randje bevinden van wat de huidige technologie kan bereiken. Het vereist coördinatie tussen het LIGO-Virgo-KAGRA-netwerk en een dozijn andere instanties, elk met hun eigen nationale belangen en rapportagevereisten. Terwijl de VS en China agressief investeren in zelfstandige projecten, blijft de kracht van Europa liggen in zijn collaboratieve, multinationale infrastructuur—mits de bureaucraten het eens kunnen worden over de protocollen voor het delen van gegevens.

Skeptici zullen erop wijzen dat de 'Zwarte Gat-universum'-theorie momenteel niet falsifieerbaar is. Omdat we niet buiten onze eigen waarnemingshorizon kunnen stappen om terug te kijken naar het 'ouder'-universum, theoretiseren we in feite over een kamer die we nooit kunnen verlaten. Dat weerhield ons er echter niet van om het atoom in kaart te brengen of het higgsboson te voorspellen. De wiskunde leidt vaak waar de ogen nog niet kunnen volgen. Als de zevendimensionale modellen de paradoxen blijven oplossen die Hawking dwarsboomden, dan verschuift het 'Zwarte Gat-universum' van een speculatief gedachte-experiment naar een toonaangevende kandidaat voor de waarheid.

Het is een nederig vooruitzicht. We denken graag dat ons universum een uitgestrekte, onafhankelijke ruimte is. Ontdekken dat we in feite een subproces van een ander universum zijn—een kosmische recursieve lus—is een klap voor het collectieve ego van de mensheid. Maar in de wereld van de natuurkunde met hoge inzet is ego een bijzaak. De data suggereren dat de oerknal geen begin was, maar een overgang. We leven in het uitdijende kielzog van een ster die stierf in een wereld die we nooit zullen zien.

De wiskunde is solide. De sensoren worden beter. Het enige dat nog moet worden beslist, is welk bestuursorgaan in Brussel de ontdekking als een overwinning voor het EU-industriebeleid mag opeisen.

Mattias Risberg

Mattias Risberg

Cologne-based science & technology reporter tracking semiconductors, space policy and data-driven investigations.

University of Cologne (Universität zu Köln) • Cologne, Germany

Readers

Readers Questions Answered

Q Waarom wordt de detectie van zwarte gaten met een massa kleiner dan die van de zon als onmogelijk beschouwd door standaardmodellen?
A Traditionele stellaire evolutie dicteert dat sterren onder een bepaalde massadrempel niet genoeg zwaartekracht hebben om in te storten tot zwarte gaten; in plaats daarvan vormen ze neutronensterren of laten ze geen compact restant achter. De detectie van objecten die aanzienlijk lichter zijn dan de zon suggereert ofwel een fout in deze modellen, of het bestaan van primordiale zwarte gaten die werden gevormd tijdens de extreme dichtheid van het vroege universum in plaats van door de dood van een zware ster.
Q Wat is de 'Big Bounce'-theorie en hoe verklaart deze het ontstaan van ons universum?
A De 'Big Bounce'-theorie stelt dat het universum niet begon vanuit een singulariteit met oneindige dichtheid, maar vanuit de ineenstorting van een vorig moederuniversum. Door gebruik te maken van het concept van torsie bereikt de ruimtetijd een punt waarop zwaartekracht afstotend wordt, waardoor een ineenstorting omkeert en uitzet. Deze expansie creëert een nieuwe regio van ruimtetijd, wat betekent dat ons volledige waarneembare universum in feite het binnenste zou kunnen zijn van een zwart gat dat in een grotere kosmos bestaat.
Q Hoe zouden primordiale zwarte gaten het mysterie van donkere materie kunnen oplossen?
A Wetenschappers zoeken al lang naar zwak wisselwerkende massieve deeltjes (WIMPs) om donkere materie te verklaren, maar met weinig succes. Als het universum een enorme populatie primordiale zwarte gaten bevat – kleine, dichte objecten gevormd kort na de 'Big Bounce' – zouden deze de ontbrekende gravitationele massa kunnen leveren die aan donkere materie wordt toegeschreven. Hierdoor zouden natuurkundigen de structuur van het universum kunnen verklaren met behulp van bekende gravitationele effecten in plaats van volledig nieuwe, onontdekte subatomaire deeltjes te moeten bedenken.
Q Welke rol zal de LISA-missie van de European Space Agency spelen bij het bestuderen van kosmische oorsprongen?
A De Laser Interferometer Space Antenna (LISA) is een gepland, in de ruimte gebaseerd zwaartekrachtgolfobservatorium dat is ontworpen om laagfrequente golven te detecteren die grondgebonden sensoren niet kunnen opvangen. Door in een baan om de aarde te opereren, zal LISA beschermd zijn tegen terrestrische seismische ruis, waardoor het de subtiele signalen van primordiale zwarte gaten kan identificeren. Het detecteren van deze objecten zou cruciaal bewijs leveren voor de 'bounce'-theorie en helpen verduidelijken of ons universum een holografische projectie is binnen een zwart gat van een ouder universum.

Have a question about this article?

Questions are reviewed before publishing. We'll answer the best ones!

Comments

No comments yet. Be the first!